Ik droom vaak dat ik wakker gebeld word met slecht nieuws. Je bent weg voor altijd en er is geen wereld waarin ik welkom ben op de begrafenis en het is uit mijn handen.
Ik droom dat ze me vinden op straat, me beroven van het poeltje water uit de fontein dat ik vasthoud en me achterlaten met mijn eigendomloze handen, waarvan mijn vingers nog steeds in elkaar haken als ik wakker word.
Ik droom over mijn zere kies en de noodzaak om me ziek te melden om naar de tandarts te gaan.
De tandarts gaat er eens even goed naar kijken. Hij zegt dat de oude de nieuwe verrot duwt en zijn steriele handschoenen verdwijnen in metaal.
Hij geeft me een bakje om in te plassen. Ik ga zitten op het spierwitte toilet en ik bedenk me dat ik niets in me heb om te geven. Als ik begin met persen, komt al het niets er tot mijn verbazing uit. Ik kan er wel twintig bakjes mee vullen. De tandarts is zo trots.
Ik droom dat hij mijn verrotte kies verbrijzelt door eraan te peuteren met een tang en de kop van een worm uit mijn tandvlees vist en begint te trekken. De worm is zo lang dat hij genoodzaakt is om een aantal passen achteruit te zetten. Naarmate de tandarts verder achteruitdeinst, besef ik dat de worm niet in mijn tandvlees woont. Ik voel hem loswrikken uit het gat in mijn maag. Het gevoel is identiek aan dat van ons laatste gesprek. Opluchtend op de meest hartverscheurende manier. Gutwrenching, really. Ik mag hem mee naar huis nemen in een glazen potje.
Ik ben licht in mijn hoofd, maar kan voor het eerst weer iets vasthouden in mijn handen. Op een stoeprand zet ik mijn kiesworm naast me neer en vraag ik hem wat hij graag eet. Zijn antwoord: mijn halve gedichten, de scherven van herinneringen aan jou, mijn kamerplanten na een depressieve episode en andere dingen waarvan ik het bestaan begin te vergeten. Soms de bittere reminiscentie dat we het echt geprobeerd hebben. Af en toe een vleestomaat van de Jumbo. Al met al is hij de moeilijkste niet.
Vanaf nu ligt hij iedere nacht naast me. Hij vindt het niet erg dat ik het matras eindeloos aan blijf duwen en dat ik praat in mijn slaap. Hij zorgt ervoor dat de lantaarns op de Korvelseweg uitgaan midden in de nacht. Hij eet al mijn dromen op.